Proost, op je gezondheid
- 4 dagen geleden
- 4 minuten om te lezen
Op een groot internationaal congres in China zitten artsen, neurobiologen en specialisten uit de gezondheidsindustrie bij elkaar aan tafel. In China is het weigeren van het proosten een intense belediging, je mag de gastheer niet weigeren. Samen drinken is cultuur, en ondanks dat de hele tafel vol zit met mensen die de wetenschap rond alcohol en de wereldgezondheid behartigen, wordt het glas geheven.
De Rus roept nostrovje, de Zweed skål, de Engelsman bottoms up, de Nederlander proost, en de gastheer ganbei. Het glas moet droog, leeg tot op de bodem. Iedereen herkent het ritueel uit zijn eigen land en drinkt graag mee. Overal ter wereld is er een woord dat hetzelfde betekent: hef je glas, drink het leeg, doe mee.
Jiànfāng, de gastheer, loopt rood aan van één glas bier. Zijn hart bonkt, zijn hoofd wordt warm, na een paar slokken voelt hij zich beroerd. Hij kan niet tegen drank, al zit hij met de grootste regelmaat bij dit soort dineetjes. Zijn collega's lachen erom en schenken zijn glas weer vol, aan tafel weiger je niet. Ganbei. En hij drinkt door, rood en misselijk, je weigert de geste van de gastheer niet.
Aan de andere kant van dezelfde tafel zit Michael. Nederlander, die voor zaken de halve wereld over reist en sinds hij gestopt is, nog niet eerder nuchter op reis ging. Hij kreeg van de huisarts Antabus voorgeschreven voor zijn alcoholprobleem. En nu zit hij hier, waar het glas geheven wordt en weigeren geen optie is. Hij weet niet hoe hij hier onderuit kan komen en doet ook maar mee.
Binnen een paar minuten loopt ook Michael rood aan. Hart bonkt, hoofd warm, misselijk. Precies hetzelfde als Jiànfāng.
Twee mannen worden ziek. De rest drinkt door, lacht, heft nog eens. Alleen zij tweeën lopen rood aan, zweten, worden misselijk. En geen van beiden snapt waarom uitgerekend zij.
Jiànfāng denkt dat hij niet tegen drank kan. Michael denkt dat het de pil is die hem dwarszit. Allebei zoeken ze het buiten hun lijf. Bij de drank, bij de dokter, bij hun eigen falen. Terwijl het antwoord binnenin zit, en bij allebei hetzelfde is.
Er komt alcohol binnen. Het lijf breekt het af en er ontstaat een gifstof, acetaldehyde, dezelfde stof die de kater maakt.
Normaal ruimt een enzym dat gif meteen op. Bij Jiànfāng werkt dat enzym van nature traag, een variant die hij van zijn ouders kreeg. Bij Michael legt de Antabus datzelfde enzym stil. Andere oorzaak, zelfde gevolg. Het gif blijft hangen en het lijf slaat alarm. Rood hoofd, bonkend hart, misselijk. Het gif wordt niet opgeruimd.
Je lichaam breekt alcohol af in twee stappen. Stap één: een enzym zet alcohol om in acetaldehyde, de gifstof. Stap twee: een tweede enzym, ALDH2, ruimt die gifstof op en maakt er een onschadelijke stof van. Twee stappen, twee enzymen. Bij de meeste mensen loopt het als een lopende band. Gif erin, gif eruit, klaar.
Maar dat tweede enzym wordt gemaakt volgens een bouwtekening in je DNA. En in die bouwtekening kan één letter anders staan. Eén bouwsteen op de verkeerde plek. Het enzym wordt dan nog wel gemaakt, maar het werkt traag of helemaal niet. De lopende band hapert. Het gif blijft liggen.
Dat is geen ziekte en geen gebrek. Het is een variant. Een andere versie van hetzelfde gen, die je erft van je ouders zoals je je oogkleur erft. Je hebt hem of je hebt hem niet. En als je hem hebt, merk je het bij het eerste glas: je hoofd wordt rood en warm, je hart gaat tekeer, je wordt misselijk. Je lijf laat zien dat het gif zich ophoopt.
Deze variant komt over de hele wereld voor, bij ongeveer acht van de honderd mensen. Maar hij is niet gelijk verdeeld. In Oost-Azië draagt ongeveer een derde tot de helft van de mensen hem. In China, Japan en Korea is het heel gewoon. Daarbuiten zeldzaam.
Antabus, de pil die Michael slikt, doet precies wat die variant van nature doet: het legt het opruim-enzym stil. Michael krijgt kunstmatig wat Jiànfāng bij zijn geboorte meekreeg. Daarom lopen ze allebei rood aan. Zelfde mechanisme, andere oorzaak. De een door zijn genen, de ander door een tablet.
Die reactie is geen pech. Het is een rem. Een ingebouwd waarschuwingslampje dat aangaat bij het eerste glas en zegt: dit gif kan ik niet aan, stop. Een rem werkt alleen als je ernaar luistert.
En daar zit de wrede ironie. Uitgerekend het land waar de meeste mensen die rem hebben, is het land waar de cultuur je dwingt door te drinken. Weigeren is gezichtsverlies. Dus drinkt Jiànfāng door, tegen zijn eigen alarm in. En juist dat is levensgevaarlijk. Acetaldehyde is door de Wereldgezondheidsorganisatie ingedeeld als kankerverwekkend, in dezelfde categorie als asbest en tabak. Wie dat rode hoofd krijgt en toch blijft drinken, heeft een fors verhoogd risico op kanker van de slokdarm en de keel.
Het lichaam liegt niet. De cultuur zegt doordrinken. De rekening komt later.
De rem zit in een enzym, of in een pil die hem namaakt. Dit is biochemie, van begin tot eind.
Bronnen
Chen, Kraemer, Mochly-Rosen (Stanford University School of Medicine): ALDH2 variance in disease and populations, 2022. Brooks et al. 2009: ALDH2*2 prevalentie. IARC: acetaldehyde als Groep 1 carcinogeen.
Opmerkingen