De enige drug waarvoor je je moet verantwoorden als je hem niet neemt
- De Grote Roze Olifant

- 19 mei
- 3 minuten om te lezen
Stel je voor dat je op een verjaardag zegt: ik rook even niet vanavond. Niemand vraagt waarom. Niemand trekt een wenkbrauw op. Niemand zegt: ach, doe toch gewoon mee, één sigaretje kan toch geen kwaad.
Zeg datzelfde over alcohol en de avond verandert van karakter. Ineens ben jij degene met een verhaal. Ineens moet er een reden zijn. Een zwangerschap, een antibioticakuur, een rijbewijs dat op het spel staat. Iets wat groot genoeg is om het te rechtvaardigen. Want blijkbaar is nuchter zijn op zichzelf geen reden.
Dat is een merkwaardig fenomeen. Alcohol is de enige drug ter wereld waarvoor je je moet verantwoorden als je hem niet neemt.
Gevaarlijker dan heroïne, maar met een gezelligheidsimago
In 2010 publiceerde de Britse farmacoloog David Nutt een studie in The Lancet. Hij en zijn team rangschikten 20 drugs op basis van schade — voor de gebruiker én voor de samenleving. Alcohol eindigde op de eerste plek. Score: 72 van de 100. Heroïne: 55. Crack: 54.
Nutt werd ontslagen als adviseur van de Britse overheid nadat hij dit hardop had gezegd. Niet vanwege zijn wetenschappelijke onderzoek. Maar omdat het politiek onhandig was.
Ik herhaal het vaker hier in de blogs maar het is erg belangrijk om te begrijpen;
Anna Lembke, psychiater aan Stanford en auteur van Dopamine Nation, beschrijft hoe het brein werkt als een weegschaal. Aan de ene kant plezier, aan de andere kant pijn. Elke keer dat je drinkt, kantelt de weegschaal naar plezier. Wat je brein daarna doet is automatisch: het compenseert. Het kantelt terug. Verder dan het midden. Dat is de kater. Dat is de leegte de volgende ochtend. Dat is het verlangen naar het volgende glas.
Hoe vaker je drinkt, hoe verder de weegschaal naar de pijnkant doorslaat als je stopt. Je brein past zich aan. Het verhoogt de drempel. Wat eerst één glas was, is nu twee. Wat eerst twee was, is nu een fles. Omdat je brein goed is in zijn werk.
Dit mechanisme is geen publiek geheim (of wel eigenlijk). Het staat in de boeken, maar niet levensgroot op het etiket van de fles.
De industrie die gezelligheid verkoopt
Alcoholmarketing is een van de meest verfijnde vormen van gedragsbeïnvloeding die er bestaat. Omdat de industrie decennialang heeft geïnvesteerd in het meest krachtige fenomeen: de sociale norm. Het idee dat drinken erbij hoort. Dat het normaal is. Dat het gezellig is. Dat het volwassen is.
Het resultaat is een cultuur waarin de vraag niet is of je drinkt, maar wat. Rood of wit. Bier of gin. Prosecco of cava. De keuze om niet te drinken valt buiten het menu. Die andere keuze heeft een verhaal nodig of excuus.
Nathalie van de podcast Ohne Alkohol mit Nathalie beschrijft hoe ze jarenlang niet doorhad dat ze afhankelijk was, precies omdat drinken zo normaal was. Haar omgeving dronk. Haar collega's dronken. De feestjes draaiden erop. Het was geen probleem. Het was het leven. Niet alleen Nathalie, ook Annie Grace, Nanja van Vliet, Koos van Plateringen, Rein Online, Jacqueline van Lieshout en alle gasten die ooit hun verhaal deden bij een van bovenstaande (inmiddels beroemde niet-drinkers) en uiteraard ikzelf.
Wat er gebeurt als je de vraag omdraait
De meeste mensen die stoppen met drinken stellen zichzelf jarenlang de verkeerde vraag. Ben ik een alcoholist? Drink ik te veel? Heb ik een probleem? Dat zijn vragen die je in de verdediging duwen. Vragen die je klein maken, en niet vooruit helpen.
De betere vraag is simpeler: wat brengt alcohol mij nog? Niet wat het vroeger bracht. Niet wat het anderen brengt. Wat brengt het jou, nu op dit moment, eerlijk gezien?
Als het antwoord is: ontspanning, slaap, sociale verbinding, moed, rust, dan is het de moeite waard om te weten dat je brein al die dingen ook kan zonder alcohol. Alleen heeft het dat een tijdje niet gedaan. Het is vergeten hoe. Dat hoeft niet de stempel van alcoholist te krijgen. Dat is neurobiologie.
En het goede nieuws is dat de weegschaal terugkeert naar het midden als je hem met rust laat. Dat duurt weken. Soms maanden. Meetbaar. Zichtbaar. Voelbaar.
Je hoeft er geen verhaal voor te hebben op de verjaardag. En als iemand vraagt: je drinkt toch wel? Dan weet je nu wat je kunt denken: nee, en ik ben de enige aan deze tafel die dat niet hoeft uit te leggen.
Tegenwoordig denk ik zelfs, Nee, gelukkig niet. En antwoord meestal, ja lekker doe maar groot glas water, ik heb dorst. (dat vind niemand vreemd, ze kunnen hooguit denken dat je teveel hebt gezopen en zijn het na hun eerste glas allang weer vergeten).

Opmerkingen