Ik ben geen alcoholist
- 19 mei
- 2 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 1 jul
Er is een zin die alles plat slaat.
"Ik ben geen alcoholist."
Klopt. Waarschijnlijk niet.
Het woord alcoholist heeft een beeld. Een man op een bankje. Een vrouw die 's ochtends al begint. Iemand die zijn baan kwijt is, zijn gezin, zijn tanden. Dat ben jij niet. Jij werkt. Jij functioneert. Jij drinkt alleen in het weekend, of alleen 's avonds, of alleen als het een zware dag was. Dat is toch anders.
En omdat jij niet dat beeld bent, hoef jij ook niet na te denken over je drinkgedrag. Het label past niet, dus het probleem bestaat niet.
Het label alcoholist is een van de meest effectieve manieren om mensen weg te houden van nadenken. Omdat het label te zwaar is en omdat het makkelijk te ontkennen valt. Zolang jij niet dat label bent, ben je veilig.
De wetenschap kijkt al jaren niet meer naar labels. Alcoholmisbruik bestaat op een spectrum van licht tot zwaar. Er is geen grens waar je overheen stapt en plotseling een alcoholist bent. Er is een glijdende schaal, en de meeste mensen die er last van hebben zitten ergens in het midden.
Je bent niet verslaafd. Je hebt een verslaving. Dat klinkt als een klein verschil. Het is een enorm verschil.
"Ik ben verslaafd" maakt van jou een definitie. Het is wie je bent, je identiteit, het eerste wat mensen over je weten. "Ik heb een verslaving" beschrijft een gewoonte. Een patroon. Iets wat je doet, niet iets wat je bent. Iets wat je doet, kun je veranderen.
Kohdi Rvyne zegt het zo: laat je slechtste gedrag niet je beste zelf definiëren. Je hebt dingen gedaan waar je niet trots op bent. Dat maakt jou niet die dingen.
Taal is niet neutraal. De woorden die je gebruikt om jezelf te beschrijven bepalen wat je gelooft. Je kunt niet iets worden wat je al bent. Je kunt wel iets doen wat je nog niet deed.
Noem het wat het is. Niet wie je bent.


Opmerkingen